OMGEVINGSRECHT – De uitwegvergunning

uitwegvergunningHet is komkommertijd, en dus een goed moment om een kort blogje te schrijven over een relatief obscuur onderwerp: de uitweg. Je komt de uitweg ook onder andere benamingen tegen, zoals ‘inrit’ en ‘uitrit’. Hoewel ‘uitweg’ wel de officiële benaming is. Althans, als we de terminologie van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht ‘officieel’ mogen noemen. En hoewel de meeste gemeentelijke APV’s die term ook hanteren, weerhoudt dat veel gemeentes er niet van om het desbetreffende beleid bijvoorbeeld ‘inrittenbeleid’ te noemen. Dus mocht u zich afvragen of uw gemeente beleid over uitwegen kent, vergeet dan niet om zekerheidshalve ook even op ‘inrittenbeleid’ te googlen. Maar goed, in deze blog dus een paar woorden over de uitweg en de uitwegvergunning.

Uitwegvergunning

Want inderdaad, ook hier geldt een vergunningplicht. Niet rechtstreeks op grond van de wet, maar vaak wel via de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Nederlandse gemeentes gebruiken veelal een landelijk model voor hun APV. Hoewel zij hun verordeningen zelf mogen vormgeven, zullen de meeste APV’s daarom op elkaar lijken.

Vandaar dat je in de meeste APV’s een bepaling zal aantreffen over de uitweg. Die bepaling is meestal ‘artikel 2.12’ genummerd. Raadpleeg wel altijd de desbetreffende APV, want deze bepaling verschilt inhoudelijk nogal eens op punten tussen gemeentes. Hoewel de overeenkomst tussen de uiteenlopende artikelen 2.12 vaak wel is dat voor een uitweg een vergunning is vereist en dat die vergunning mag worden geweigerd als sprake is van een aantal weigeringsgronden. Maar die gronden kunnen per gemeente dus verschillen.

Als voorbeeld nemen we de APV van de gemeente Buren. Hier artikel 2.12 van de APV van Buren:

Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg
1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag:
a. een uitweg te maken naar de weg;
b. van de weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg;
c. verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg.
2. Onverminderd artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid van dit artikel worden geweigerd in het belang van:
a. de bruikbaarheid van de weg;
b. het veilig en doelmatig gebruik van de weg;
c. de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving;
d. de bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente.
3. Het bepaalde in het eerste lid van dit artikel geldt niet voor zover het gestelde bij of krachtens de Wet beheer Rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, de Waterschapskeur of de geldende Omgevingsverordening Gelderland van toepassing is.”

De Wabo

Door deze bepaling is in de gemeente Buren sprake van ‘een bepaling in een gemeentelijke verordening ingevolge welke een vergunning is vereist om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen of het gebruik daarvan te veranderen’ zoals bedoeld in art. 2.2, lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

Die bepaling geldt ingevolge art. 2.2, lid 1 van de Wabo als ‘een verbod om een project voor zover dat geheel of gedeeltelijk uit die activiteiten bestaat, uit te voeren zonder omgevingsvergunning’. Oftewel, eenvoudiger gezegd: er is een omgevingsvergunning in de zin van de Wabo vereist.

De Wabo laat dit dus aan gemeentes zelf over. Maar als in een gemeentelijke APV staat dat voor een uitweg een vergunning is vereist, dan volgt uit de Wabo dat dat een omgevingsvergunning in de zin van de Wabo is. Gevolg daarvan is dat de bepalingen van de Wabo op het vergunningverleningsproces van toepassing zijn.

Inrittenbeleid

Veel gemeentes hebben beleid over de toepassing van artikel 2.12 van hun APV. En dat geldt ook voor de gemeente Buren. Zie hier.

Het gaat hier om beleidsregels in de zin van Titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dat betekent dat de gemeente in principe steeds moet handelen volgens haar beleid, en de regels uit het beleid strikt moet toepassen. Dat lijdt enkel uitzondering als er sprake is van ‘bijzondere omstandigheden die onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen’ (art. 4:84 van de Awb).

Kortom: sla steeds de beleidsregels er op na!

Vragen en advies

Hebt u vragen over het omgevingsrecht? Neem dan contact met ons op:

Contact

Wij overleggen graag met u, praten graag over de ins and outs van uw situatie en geven u graag advies. Voor een kennismaking of eerste gesprek brengen wij geen kosten in rekening.

Willem Brakenhoff