BESTUURSRECHT – (Deels) zelf procederen

procederenAdvocaten en juristen zijn duur. Enerzijds vanwege hun uurtarieven, en anderzijds vanwege het feit dat je nooit kunt inschatten hoeveel tijd ze aan een zaak kwijt zullen zijn. Gelukkig kun je in het bestuursrecht zonder advocaat procederen. Probleem is echter dat het bestuursrecht behoorlijk complex is. Er bestaan tal van processuele valkuilen. Bovendien is het vaak juist de juridische haarkloverij die een bestuursrechtelijke zaak kan maken of breken. Zou het dan niet toch beter zijn om maar een jurist in de arm te nemen? Of kan een jurist ook op een andere manier worden ingeschakeld, zodat zijn kosten controleerbaar blijven?

De cliënt als detective in eigen zaak

Onze ervaring is dat cliënten vaak heel goed op de hoogte zijn van de inhoudelijke kant van een zaak. Velen bijten zich vast in dossierstukken, bestuderen technische aangelegenheden of doen zelf onderzoek naar feiten. Deze cliënten zijn ‘detectives’ in hun eigen rechtszaak. Wij hebben dat altijd als zeer waardevol ervaren. En we hebben eruit geleerd dat procederen een kwestie is van samenwerken tussen jurist en cliënt. De cliënt hoeft in die zin zijn rechtszaken niet passief te ondergaan, maar kan daadwerkelijk invloed uitoefenen op het verloop.

Emotioneel betrokken

Daar staat tegenover dat de cliënt minder goed in staat is om zijn eigen zaak objectief te bezien. Hoe ingelezen en bestudeerd de cliënt ook is, de betrokkenheid op de eigen zaak leidt er vaak toe dat er geen oog is voor tegenargumenten. En aangezien procederen iets weg heeft van schaken, is dat een nadeel. Want net als bij schaken, hangt veel af van het anticiperen op tegenzetten. En dat vereist dat je je in de tegenpartij kunt verplaatsen. Een technische soort van empathie die de betrokkene bij een rechtszaak niet snel kan opbrengen door een teveel aan betrokkenheid bij de eigen zaak.

Een teveel aan betrokkenheid bij de eigen zaak uit zich, in zelf opgestelde processtukken, vaak in woorden als ‘gewoon’, ‘onredelijk’, ‘logisch’ en ‘toch’. In ernstiger gevallen kom je termen tegen als ‘schandalig’ of ‘beledigend’. In familierechtelijke of arbeidsrechtelijke zaken kunnen die eerste woorden nog wel door de beugel, maar in het bestuursrecht is het hoe dan ook een teken van zwakte. Emoties doen namelijk totaal niet ter zake in het bestuursrecht.

Software

Wat dat betreft kun je processtukken in het bestuursrecht het beste benaderen als code. In de zin van computercode. Programmeurs van computers zullen nooit emo-woorden als ‘beetje’ of ‘bijna’ gebruiken. In computercode is het ‘AND’ en ‘OR’. En het is ‘aan’ of ‘uit’ (1 of 0). Vandaar ook dat rechtsbeginselen zo weinig kans van slagen maken in het bestuursrecht.

Dat heeft alles met legaliteit te maken. Het handelen van bestuursorganen moet namelijk altijd op de wet gebaseerd zijn (‘MAG’ versus ‘MAG NIET’). Dat is een flinke drempel voor bestuursrechtelijk handelen. Maar als die drempel eenmaal is genomen, dan staan alle deuren open voor het bestuursorgaan. Gekscherend zeggen we dan ook wel eens dat een bestuursorgaan, mits bevoegd, kan verordonneren dat 1 plus 1 drie is.

Dit is dan ook het probleem van cliënten in het bestuursrecht. Zij slaan aan op het onrechtvaardige 1 plus 1 is drie. En zijn genegen om al hun processuele pijlen daar op te richten. Terwijl de jurist weet dat ie zijn pijlen juist moet richten op legaliteitskwesties. En dat is soms lastig uit te leggen.

De jurist als procesbegeleider

Uit het voorgaande kan een taakverdeling tussen cliënt en jurist volgen die recht doet aan beider rollen en input. In een rechtsgebied waar de cliënt zelf kan procederen, kan het voor de cliënt uit kostenoverwegingen goed zijn om te overwegen de jurist als ‘advocaat van de duivel’ aan te stellen. Als iemand die de cliënt tegenspreekt en aldus laat anticiperen op tegenzetten van de tegenpartij.

Bovendien kan die jurist de cliënt wijzen op belangrijke legaliteitskwesties. Anders gezegd: om de cliënt niet al zijn pijlen te laten richten op de inhoud van een besluit, maar juist ook op de totstandkoming ervan.

Efficiënt procederen

Dat betekent dat mensen die overwegen om zelf te procederen in het bestuursrecht, hun bezwaar- en beroepschriften kunnen laten toetsen door een jurist. Zonder die jurist (of advocaat) meteen het gehele proces te laten doen. Veel werk kunnen cliënten zelf doen, en zullen ze waarschijnlijk zelf hebben gedaan. En de kans is groot dat ze daar zelfs meer vanaf weten dan de jurist. Maar de jurist kan de cliënt juist op het kunt van legaliteit en processtrategie adviezen geven.

Concreet betekent dat dat de jurist:

  • de juridische kaders (wetgeving en beleid) in beeld brengt
  • toetst of de voorgeschreven procedures juist zijn doorlopen
  • toetst of er sprake is van een rechtmatige onderbouwing van het overheidsbesluit
  • toetst of het door de cliënt opgestelde bezwaar- of beroepschrift de toets der kritiek doorstaat.

Bij dat laatste kan worden gedacht aan:

  • de logica van de verhandeling (efficient redeneren, indeling van het document)
  • de zakelijkheid (niet te emotioneel)
  • de psychologie (een zakelijke benadering van emoties, de woordkeuze en rekening houden met heuristieken)

Lagere proceskosten

Wanneer een jurist op deze punten wordt ingezet, kan tot een aanzienlijke besparing van proceskosten worden gekomen. De jurist hoeft immers niet zelf stukken te schrijven of ter zitting te verschijnen. In plaats daarvan kan hij vanaf de zijlijn als ‘procesadviseur’ of ‘procesbegeleider’ optreden.

Het is een rol die wij regelmatig op ons nemen.

Vragen en advies

Hebt u vragen over procederen in het bestuursrecht? Neem dan contact met ons op:

Contact

Wij overleggen graag met u, praten graag over de ins and outs van uw situatie en geven u graag advies. Voor een kennismaking of eerste gesprek brengen wij geen kosten in rekening.