9. Privaatrecht – Verbintenissenrecht

Verbintenissenrecht

***

Het Verbintenissenrecht

Zoals we eerder bespraken, kan het Vermogensrecht worden onderscheiden in:

– goederenrecht
– verbintenissenrecht.

Het goederenrecht bespraken we in de voorgaande hoofdstukken. In dit hoofdstuk gaan we kort in op het verbintenissenrecht.

Verbintenissenrecht

Het verbintenissenrecht gaat over de relatie tussen personen: schuldeiser en schuldenaar.

Het verbintenissenrecht staat in het Burgerlijk Wetboek (‘BW’) in de Boeken 6 tot en met 8.

In Boek 6 van het BW staat het algemene verbintenissenrecht. Het gaat om bepalingen over verbintenissen in het algemeen, over onrechtmatige daad, over enkele bijzondere verbintenissen (namelijk die uit zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking) en om bepalingen over de overeenkomst in het algemeen.

In de Boeken 7, 7A en 8 staan bepalingen met betrekking tot bijzondere soorten overeenkomsten (koop-, huur-, arbeidsovereenkomst, e.d.).

Enkele delen van Boek 3 van het BW zijn eveneens van belang voor het verbintenissenrecht (Titels 1 (afdeling 1) t/m 3 en 11).

Wij zullen ons in dit en de volgende hoofdstukken beperken tot Boek 6 van het BW. De andere Boeken (7, 7A en 8) zullen we slechts terzijde aanstippen.

Systematiek van het verbintenissenrecht

De systematiek van het verbintenissenrecht is ‘van algemeen naar bijzonder’. Uitgangspunt daarbij is dat een bijzondere regeling voor een algemene regeling gaat.

De verbintenis

Meest algemene uitgangspunt is de verbintenis. Een verbintenis is datgene dat schuldeiser en schuldenaar verbindt. De schuldeiser heeft op grond van de verbintenis een vorderingsrecht jegens de schuldenaar (een ‘aanspraak’). De schuldenaar heeft op grond van diezelfde verbintenis een (prestatie)verplichting jegens de schuldeiser. De titels 1 en 2 van Boek 6 van het BW bevatten een algemene regeling over de verbintenissen.

Ontstaansbronnen van verbintenissen

Art. 6:1 van het BW bepaalt: “Verbintenissen kunnen slechts ontstaan, indien dit uit de wet voortvloeit.” Er zijn vele wetten waaruit (indirect) verbintenissen uit kunnen voortvloeien. Daarbij gaat het niet enkel om het BW, maar bijvoorbeeld ook belastingwetten, verordeningen, statuten, et cetera. Verbintenissen kunnen ook voortvloeien uit rechterlijke uitspraken. Waar het bij dit alles om gaat, is dat uit de ‘bron’ een verplichting van de ene persoon jegens een andere voortvloeit (en dus een aanspraak van die ander jegens de ene).

Enkele belangrijke bronnen

In Boek 6 van het BW worden enkele belangrijke bronnen van verbintenissen geregeld. Het gaat om:

A: Verbintenissen uit de wet

A1: de onrechtmatige daad (iemand wordt een ander iets verschuldigd omdat hij jegens die ander een onrechtmatige daad heeft gepleegd; bijvoorbeeld een bal door zijn raam geschoten)

De onrechtmatige daad is geregeld in titel 3 van Boek 6 van het BW.

A2: enkele bijzondere bronnen (zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking)

Deze zijn geregeld in titel 4 van Boek 6.

B: Verbintenissen uit overeenkomst

In titel 5 van Boek 6 zijn de overeenkomsten (in het algemeen) geregeld.

Overeenkomsten

Binnen de categorie overeenkomsten kan ook weer verder worden verbijzonderd. Titel 5 van Boek 6 van het BW bevat eerst enkele afdelingen (1 tot en met 4) over de ‘overeenkomst in het algemeen’. Vervolgens kent titel 5 een afdeling (5) over de wederkerige overeenkomst.

A: Wederkerige overeenkomsten

Dit zijn de voor de niet-jurist bekendste bronnen van verbintenissen. Dit zijn overeenkomsten waarbij van meer dan één verbintenis sprake is. Een voorbeeld is de koopovereenkomst. Deze kent een verbintenis tot levering van een goed, en een verbintenis tot betaling. De betrokken partijen hebben dan ook twee hoedanigheden: die van schuldeiser met betrekking tot de ene verbintenis, en die van schuldenaar met betrekking tot de andere.

B: Eenzijdige (of: niet-wederkerige) overeenkomsten

Bij deze overeenkomst kan worden gedacht aan de schenking. Hierbij is geen sprake van een tegenprestatie.

Bijzondere overeenkomsten

Naast de in titel 5 van Boek 6 geregelde overeenkomsten, kent het BW in Boeken 7, 7A en 8 enkele ‘bijzondere overeenkomsten’. Daarbij kan het zowel gaan om wederkerige als om eenzijdige overeenkomsten (de ‘eenzijdige’ schenking is bijvoorbeeld net als de ‘wederkerige’ koop geregeld in Boek 7).

Indeling van Boek 6 van het BW

Boek 6 van het BW geeft aldus algemene regels over verbintenissen in de titels 1 en 2.

In de titels 3 en 4 regelt het enkele verbintenissen uit de wet:

  • de verbintenis uit onrechtmatige daad,
  • de verbintenis uit andere bron dan onrechtmatige daad of overeenkomst (zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking).

En in titel 5 regelt het de verbintenis uit overeenkomst.

Boeken 7, 7A en 8 van het BW

In de Boeken 7, 7A en 8 van het BW staan regels over bijzondere overeenkomsten.

In Boek 7 worden o.a. de volgende overeenkomsten geregeld:

  • aannemingsovereenkomst
  • koopovereenkomst
  • huurovereenkomst
  • arbeidsovereenkomst
  • verzekeringsovereenkomst

In Boek 7A worden o.a. de volgende overeenkomsten geregeld:

  • maatschapsovereenkomst
  • bruikleenovereenkomst
  • kansovereenkomst

In Boek 8 wordt o.a. de vervoersovereenkomsten geregeld.


Ga naar:
vorige hoofdstuk
volgende hoofdstuk
inhoudsopgave